Begin juli 2025 wisten hackers binnen te dringen in de systemen van het Rijswijkse laboratorium Clinical Diagnostics, dat medische onderzoeken verwerkt voor Bevolkingsonderzoek Nederland en andere zorginstellingen. Daarbij werden gegevens gestolen van ruim 485.000 vrouwen die deelnamen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker, inclusief persoonlijke gegevens en soms ook testuitslagen.
Later bleek dat ook informatie van zeker 53.000 andere patiënten, zoals uitslagen van huid-, urine- en genitaalonderzoek, is buitgemaakt. De data is inmiddels deels op het dark web verschenen. Het laboratorium meldde het lek pas een maand later, wat de risico’s op misbruik en schade voor de betrokkenen aanzienlijk heeft vergroot.

1. Schokkende onthulling en late communicatie
Begin juli wist het laboratorium Clinical Diagnostics al dat er een groot datalek had plaatsgevonden. Toch werd deze informatie pas een maand later gedeeld met de betrokken organisaties en de slachtoffers. Dat is niet alleen slecht voor het vertrouwen, maar ook in strijd met de regels. Volgens de AVG/GDPR moeten organisaties die een datalek ontdekken binnen 24 uur melding maken bij de toezichthouder en de betrokkenen zo snel mogelijk informeren.
Waarom snelle melding zo belangrijk is
Bij een datalek draait alles om tijd. Hoe eerder mensen weten dat hun gegevens zijn buitgemaakt, hoe sneller zij maatregelen kunnen nemen om misbruik te voorkomen. Denk aan het veranderen van wachtwoorden, het extra controleren van bank- en verzekeringsafschriften en het alert zijn op verdachte e-mails of telefoontjes. Een maand wachten betekent dat criminelen al die tijd vrij spel hebben gehad.
Risico’s van te late melding:
- Persoonsgegevens kunnen al op het dark web zijn verkocht.
- Gevoelige medische informatie kan worden gebruikt voor gerichte chantage of oplichting.
- Slachtoffers verliezen de kans om tijdig beschermende stappen te nemen.
- Vertrouwen in de zorgsector krijgt een directe klap.
Impact op slachtoffers
In dit specifieke geval gaat het niet alleen om namen en adressen, maar ook om medische gegevens zoals testuitslagen van bevolkingsonderzoeken. Deze combinatie maakt de dataset extreem waardevol voor hackers en fraudeurs. Waar financiële gegevens relatief snel gewijzigd kunnen worden, is dat met medische informatie onmogelijk. Iemands medische geschiedenis is blijvend, en juist daarom is dit type hacking extra schadelijk.
Slachtoffers lopen verhoogd risico op:
- Gerichte phishing: e-mails die inspelen op medische achtergrondinformatie.
- Identiteitsfraude: gebruik van naam, geboortedatum en adres in combinatie met gezondheidsgegevens.
- Reputatieschade: gevoelige medische details die zonder toestemming openbaar worden.
Juridische en morele plicht
De wettelijke meldplicht is bedoeld om schade te beperken. Een organisatie die die plicht negeert, zet de deur open voor meer schade en verliest moreel gezag. Wanneer een zorginstelling nalaat slachtoffers snel te informeren, voelt dat als een dubbele klap: eerst wordt hun vertrouwen geschonden door de hack, daarna door de manier waarop erover wordt gecommuniceerd.
Mogelijke redenen voor vertraging
Officieel zegt het laboratorium dat het de informatie niet meteen heeft gedeeld “om eerst de juiste stappen te nemen”. In de praktijk kan dit meerdere betekenissen hebben:
- Er was nog geen volledig overzicht van de omvang van het lek.
- Interne procedures waren niet ingericht op snelle externe communicatie.
- Er werd prioriteit gegeven aan technische forensische analyse boven melding aan slachtoffers.
Hoewel onderzoek belangrijk is, mag het nooit ten koste gaan van de veiligheid van de mensen wiens data op straat ligt.
Wat had er moeten gebeuren
Een betere aanpak zou zijn geweest:
- Direct melding bij de Autoriteit Persoonsgegevens en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
- Binnen enkele dagen voorlopige waarschuwingen naar betrokkenen, ook als nog niet alle details bekend zijn.
- Parallel daaraan forensisch onderzoek en beveiligingsverbeteringen.
- Regelmatige updates aan de betrokkenen over voortgang en bevindingen.
Dit had de schade kunnen beperken en het vertrouwen beter kunnen behouden.
Lessen voor andere organisaties
Deze situatie laat zien dat incidentrespons niet alleen gaat om techniek, maar vooral om communicatie. Een goed incidentresponsplan bevat altijd een communicatiestrategie:
- Wie communiceert er namens de organisatie?
- Wat wordt er gezegd in de eerste 24 uur?
- Hoe worden slachtoffers op de hoogte gebracht?
Daarnaast moet er een balans zijn tussen zorgvuldigheid en snelheid. Wachten tot alles bekend is, geeft criminelen een enorme voorsprong.
De bredere impact op de zorg
Wanneer zulke datalekken laat worden gemeld, raakt dat niet alleen de direct betrokkenen. Het heeft ook effect op hoe burgers kijken naar zorginstellingen in het algemeen. Als mensen bang worden dat hun gegevens niet veilig zijn, kan dat leiden tot terughoudendheid bij deelname aan bevolkingsonderzoeken of andere medische programma’s. Dat heeft uiteindelijk gevolgen voor de volksgezondheid.

2. Hoe hackers toesloegen
De hack op het laboratorium Clinical Diagnostics in Rijswijk laat zien hoe kwetsbaar zorginstellingen zijn wanneer hun beveiliging niet meegroeit met de huidige dreigingen. Het incident begon begin juli, toen criminelen toegang wisten te krijgen tot systemen die medische onderzoeken verwerken voor Bevolkingsonderzoek Nederland én diverse andere zorginstellingen. Binnen korte tijd werd duidelijk dat het niet om een klein lek ging, maar om een gerichte en goed voorbereide aanval waarbij meerdere zwaktes tegelijk zijn benut.
Aanval via bekende maar effectieve technieken
Hoewel het forensisch onderzoek nog loopt, wijzen patronen en eerdere soortgelijke incidenten in de zorg op een combinatie van aanvalsmethoden:
- Phishing en social engineering
Aanvallers misleiden medewerkers via overtuigende e-mails of telefoontjes, bijvoorbeeld met het verzoek om inloggegevens of verificatiecodes te geven. In de zorgsector is de druk vaak hoog, waardoor medewerkers sneller geneigd zijn te reageren op urgente verzoeken. - Herbruik van gestolen inloggegevens
Veel accounts worden onvoldoende beveiligd met multi-factor authenticatie (MFA). Aanvallers kopen op het dark web eerder gelekte wachtwoorden, proberen die massaal uit (credential stuffing) en vinden zo toegang tot interne systemen. - Kwetsbaarheden in software
Zorgorganisaties draaien vaak complexe systemen van meerdere leveranciers. Niet alle componenten worden tijdig voorzien van beveiligingsupdates, waardoor bekende kwetsbaarheden open blijven staan. Hackers scannen actief op zulke zwakke plekken en gebruiken geautomatiseerde tools om in te breken. - Slechte netwerksegmentatie
Eenmaal binnen in één deel van het netwerk konden de aanvallers bij Clinical Diagnostics vrij bewegen naar andere gekoppelde databases. Deze gebrekkige scheiding maakte het mogelijk om gegevens van meerdere onderzoeken tegelijk te stelen.
Waarom medische data zo’n interessant doelwit is
In de wereld van cybercriminaliteit zijn medische gegevens goud waard. Een compleet medisch dossier bevat:
- Naam, adres, geboortedatum
- Burgerservicenummer (BSN)
- Contactgegevens
- Verzekeringsinformatie
- Gedetailleerde medische historie, inclusief testuitslagen en diagnoses
Deze gegevens worden op het dark web gebruikt voor:
- Identiteitsfraude: aanvragen van leningen, openen van bankrekeningen
- Medische verzekeringsfraude: indienen van valse declaraties
- Afpersing: dreigen gevoelige medische informatie openbaar te maken
- Gerichte phishing: gepersonaliseerde aanvallen gebaseerd op iemands gezondheidstoestand
Het grote verschil met financiële gegevens is dat medische informatie permanent is. Een wachtwoord kan worden gewijzigd, maar een medische diagnose blijft altijd onderdeel van iemands dossier. Dat maakt deze vorm van hacking extra schadelijk.
De omvang van de buit
Bij deze aanval werden gegevens gestolen van ruim 485.000 vrouwen die deelnamen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker. Naast hun persoonsgegevens zijn in veel gevallen ook de testuitslagen buitgemaakt. Later kwam aan het licht dat er óók data is gestolen van zeker 53.000 andere patiënten die onderzoeken hebben laten uitvoeren, zoals:
- Huidonderzoek
- Urineonderzoek
- Genitaal onderzoek (vagina, penis, anus)
- Wondvochtanalyse
De gestolen bestanden bevatten niet alleen medische uitslagen, maar ook verwijzingen van huisartsen en gegevens van zorgverleners. Criminelen hebben inmiddels delen van deze informatie op het dark web geplaatst, vermoedelijk om de verkoop te stimuleren of druk op te voeren.
Waarom de aanval lang onopgemerkt bleef
Een groot probleem in de zorgsector is het ontbreken van real-time detectiesystemen die afwijkend gedrag in het netwerk herkennen. Vaak wordt beveiliging vooral ingericht om externe aanvallen tegen te houden, maar wordt onvoldoende gekeken naar wat er gebeurt als iemand al binnen is. Bij Clinical Diagnostics lijkt geen effectief monitoringproces te hebben gedraaid dat bijvoorbeeld opvallend grote dataverplaatsingen zou signaleren.
Bovendien hebben veel zorgorganisaties te maken met complexe datastromen: laboratoria, ziekenhuizen, huisartsen en onderzoeksinstituten wisselen continu gegevens uit. Deze constante data-uitwisseling maakt het moeilijker om verdachte patronen te herkennen, omdat grote overdrachten van informatie “normaal” lijken.
Het mogelijke aanvalsscenario
Op basis van bekende tactieken in vergelijkbare incidenten kan een plausibel scenario er zo uitzien:
- Aanvallers vinden via het dark web inloggegevens van een medewerker of leverancier van Clinical Diagnostics.
- Ze loggen in op een systeem zonder MFA en krijgen toegang tot interne applicaties.
- Via ongepatchte software of zwakke configuraties verplaatsen ze zich naar systemen met patiëntendata.
- Door het ontbreken van netwerksegmentatie bereiken ze ook databases die niet direct nodig waren voor het oorspronkelijke account.
- Ze kopiëren grote hoeveelheden data in kleine, versleutelde pakketten om detectie te vermijden.
- De buit wordt veiliggesteld op externe servers, waarna selecties ervan op het dark web verschijnen als “bewijs” van de hack.
Wat deze aanval bijzonder maakt
- De schaal: bijna een half miljoen vrouwen plus tienduizenden andere patiënten.
- De aard van de gegevens: medische testuitslagen in combinatie met persoonlijke gegevens.
- De verspreiding: delen van de data al openbaar op het dark web.
- De late melding: slachtoffers werden pas na een maand geïnformeerd.
Wat andere zorginstellingen hiervan moeten leren
Dit incident laat duidelijk zien dat technische beveiliging alleen niet genoeg is. Organisaties moeten ook investeren in:
- Multi-factor authenticatie voor alle accounts, ook van leveranciers
- Netwerksegmentatie om laterale beweging van aanvallers te beperken
- Regelmatige penetratietesten om kwetsbaarheden op te sporen
- Real-time monitoring en gedragsanalyse
- Incidentresponsplannen die snelle communicatie met betrokkenen mogelijk maken
Door deze maatregelen te combineren met betere training van medewerkers en strikte toegangscontrole, wordt het risico op een vergelijkbare hack aanzienlijk kleiner.

3. Omvang en aard van de gestolen gegevens
De hack bij Clinical Diagnostics gaat verder dan een gemiddeld datalek. Het is niet alleen het aantal slachtoffers dat opvalt, maar vooral de aard en de gevoeligheid van de buitgemaakte gegevens. Waar veel datalekken zich beperken tot e-mailadressen of klantnummers, bevat dit incident complete medische dossiers, aangevuld met persoonsgegevens die samen een goudmijn vormen voor cybercriminelen.
De omvang in cijfers
- 485.000 vrouwen die deelnamen aan het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker.
- Minstens 53.516 andere patiënten van uiteenlopende medische onderzoeken.
- Gegevens verzameld over meerdere jaren, naar verwachting vooral uit de periode 2022 tot en met 2025.
- Nog onbekend hoeveel gegevens exact openbaar zijn gemaakt, omdat hackers mogelijk nog meer informatie achterhouden.
Persoonlijke gegevens
Voor vrijwel alle slachtoffers bevat de gestolen dataset:
- Volledige naam
- Adres en postcode
- Telefoonnummer
- Geboortedatum
- Soms ook Burgerservicenummer (BSN)
- Naam en gegevens van de zorgverlener of huisarts
Deze informatie alleen al is waardevol voor identiteitsfraude. In combinatie met medische gegevens wordt de schadepotentie nog groter.
Medische gegevens
De meest zorgwekkende buit is de medische inhoud. Dit omvat onder meer:
- Testuitslagen van uitstrijkjes bij het bevolkingsonderzoek
- Uitslagen van zelfafnametests
- Onderzoeksresultaten van huid-, urine- en genitaalonderzoek
- Informatie over onderzoeken naar de anus en wondvocht
- Diagnostische verslagen en verwijzingen van huisartsen
- Vermeldingen of er sprake is van kanker of andere aandoeningen
Deze medische details zijn permanent en kunnen niet “gewijzigd” worden, waardoor ze een blijvend risico vormen voor de betrokkenen.
Gegevens van zorgverleners
De hack trof niet alleen patiënten. In de buitgemaakte bestanden staan ook:
- Namen van huisartsen
- Medische praktijkadressen
- Interne verwijzingscodes en onderzoeksaanvragen
Hoewel deze gegevens minder gevoelig lijken, kunnen criminelen ze gebruiken om phishingcampagnes geloofwaardiger te maken, bijvoorbeeld door zich voor te doen als een vertrouwde arts of kliniek.
Publicatie op het dark web
Delen van de gestolen data zijn inmiddels opgedoken op fora en marktplaatsen op het dark web. Dit gebeurt vaak in fases:
- Proof of hack – kleine selectie gegevens wordt gedeeld als bewijs om potentiële kopers te overtuigen.
- Verkoop – de volledige dataset wordt aangeboden aan de hoogste bieder.
- Openbaarmaking – als drukmiddel bij afpersing of wanneer de data niet snel verkocht wordt, plaatsen criminelen de informatie vrij toegankelijk.
Eenmaal op het dark web is het onmogelijk om verspreiding te stoppen. Kopieën worden eindeloos gedownload, gedeeld en verhandeld.
Waarom de combinatie zo gevaarlijk is
Losse persoonsgegevens of medische gegevens vormen al een risico, maar samen zijn ze bijzonder schadelijk:
- Gerichte chantage: dreigen medische informatie openbaar te maken tenzij er betaald wordt.
- Social engineering: gebruik van medische details om vertrouwen te winnen bij nieuwe slachtoffers.
- Langdurige fraude: medische en persoonlijke gegevens verouderen niet snel, waardoor ze jaren misbruikt kunnen worden.
Mogelijke vervolgschade
Slachtoffers moeten rekening houden met:
- Toename van gerichte phishingmails of telefoontjes.
- Ongeautoriseerd gebruik van persoonlijke gegevens bij het openen van accounts of afsluiten van contracten.
- Psychologische impact van het weten dat intieme medische details in criminele handen zijn.
Wat er nu gebeurt
Bevolkingsonderzoek Nederland en betrokken ziekenhuizen zijn begonnen met het informeren van alle bekende slachtoffers. Daarbij krijgen zij waarschuwingen over mogelijke phishing en fraude. Toch is het onzeker of iedereen daadwerkelijk bereikt wordt, zeker als gegevens onvolledig of verouderd zijn.
Z-CERT, het cybersecurity-centrum voor de zorg, adviseert getroffen instellingen om:
- Extra monitoring te activeren op verdachte inlogpogingen.
- E-mailfilters strenger in te stellen voor medewerkers en patiënten.
- Alle leveranciers en partners te controleren op vergelijkbare kwetsbaarheden.
Lessen uit deze omvang
De schaal en inhoud van dit datalek maken duidelijk dat één enkele hack in de zorgsector gevolgen kan hebben voor honderdduizenden mensen. Het gaat niet alleen om reputatieschade voor de getroffen organisatie, maar om blijvende risico’s voor de betrokkenen. Deze combvinatie van grote aantallen slachtoffers, diepgaande medische details en het directe verschijnen van data op het dark web maakt het een van de zwaarste incidenten in de Nederlandse zorggeschiedenis.

4. Impact op vertrouwen in de zorg
Een datalek van deze omvang heeft gevolgen die verder gaan dan de directe schade door hacking. Het raakt het fundament van de zorg: het vertrouwen dat patiënten moeten kunnen hebben in zorginstellingen en onderzoeksprogramma’s. Wanneer mensen twijfelen of hun persoonlijke en medische gegevens veilig zijn, kan dat leiden tot terughoudendheid om mee te doen aan onderzoeken, of zelfs tot het mijden van zorg.
Vertrouwen als voorwaarde voor deelname
Bevolkingsonderzoeken zoals dat naar baarmoederhalskanker zijn gebaseerd op vrijwillige deelname. Jaarlijks worden duizenden vrouwen opgeroepen, en het succes van deze programma’s hangt direct samen met de bereidheid van mensen om hun gegevens en testmateriaal te delen. Als die bereidheid afneemt, heeft dat directe gevolgen voor de volksgezondheid.
- Minder vroege opsporing: ziektes worden later ontdekt, waardoor behandelingen minder effectief zijn.
- Hogere zorgkosten: behandelingen in een later stadium zijn vaak complexer en duurder.
- Meer onnodige sterfgevallen: bijvoorbeeld bij baarmoederhalskanker, waar vroege detectie levens kan redden.
Signalen van afnemend vertrouwen
Uit reacties van patiënten blijkt dat sommige vrouwen overwegen niet meer deel te nemen aan bevolkingsonderzoeken. Anderen zeggen dat ze gevoeliger zijn geworden voor twijfel over waar hun gegevens heen gaan en wie daar toegang toe heeft. Dit soort sentimenten kan zich snel verspreiden, vooral via sociale media, en zo de deelnamepercentages negatief beïnvloeden.
Gevolgen voor zorgprofessionals
Het vertrouwen in artsen, verpleegkundigen en andere zorgverleners kan indirect schade oplopen, ook al zijn zij niet verantwoordelijk voor de hack. Patiënten kunnen terughoudender worden met het delen van informatie, uit angst dat deze in verkeerde handen valt. Dat bemoeilijkt een goede diagnose en behandeling.
Daarnaast kan de reputatie van onderzoeksprogramma’s zoals het bevolkingsonderzoek structureel beschadigd raken. Herstel kost vaak jaren en vereist zichtbare inspanningen op het gebied van informatiebeveiliging en open communicatie.
Internationale voorbeelden
In andere landen is gebleken dat slechte bescherming van medische gegevens direct leidt tot zorgmijding. In de Verenigde Staten en Australië zagen bepaalde screeningsprogramma’s een terugloop na grote datalekken, waarbij deelnamecijfers soms pas na vijf jaar weer op het oude niveau kwamen. Dit laat zien dat vertrouwen snel verloren gaat, maar traag terugkeert.
De maatschappelijke dimensie
Een datalek in de zorg is niet alleen een individueel probleem, maar een maatschappelijk vraagstuk. Wanneer grote groepen mensen screeningsprogramma’s mijden, heeft dat invloed op:
- De volksgezondheid als geheel
- De belasting van de zorgsystemen
- De kosten voor verzekeraars en overheid
- De effectiviteit van preventieprogramma’s
Het risico is dat één incident de basis van meerdere preventieve zorgprojecten ondermijnt, ook projecten die technisch gezien niets met het getroffen laboratorium te maken hebben.
Herstel van vertrouwen
Om vertrouwen te herstellen, moeten zorginstellingen meer doen dan alleen technische maatregelen nemen. Belangrijke acties zijn:
- Transparante communicatie: open en eerlijk zijn over wat er is gebeurd en welke stappen zijn gezet.
- Herhaaldelijke updates: slachtoffers en het publiek blijven informeren over de voortgang van beveiligingsverbeteringen.
- Externe audits: onafhankelijke partijen laten toetsen of de beveiliging nu op orde is.
- Publieke verantwoording: bestuurders en verantwoordelijken moeten laten zien dat zij leren van fouten.
Langetermijneffecten
Zonder zichtbare en geloofwaardige verbeteringen blijft het wantrouwen bestaan. Zelfs mensen die nog steeds deelnemen aan onderzoeken kunnen zich minder veilig voelen, wat invloed heeft op hun ervaring en hun bereidheid om in de toekomst opnieuw deel te nemen.
De kern is dat informatiebeveiliging in de zorg niet alleen een technische noodzaak is, maar een randvoorwaarde voor het functioneren van preventieve zorgprogramma’s. Eén groot incident kan jarenlange inspanningen om deelname te verhogen in een paar dagen tenietdoen.

5. Structurele zwaktes in zorg-IT
De hack bij Clinical Diagnostics laat zien dat de kwetsbaarheid van de zorgsector geen incident is, maar een structureel probleem. Veel zorginstellingen werken met complexe netwerken, verouderde systemen en een groot aantal gebruikers met toegang tot gevoelige data. Deze combinatie maakt de sector een aantrekkelijk doelwit voor cybercriminelen.
Versnipperde infrastructuur
Zorg-IT is vaak opgebouwd uit systemen van verschillende leveranciers, soms aangevuld met zelfontwikkelde oplossingen. Deze infrastructuur is over de jaren heen gegroeid en niet altijd goed geïntegreerd. Dat leidt tot:
- Onvoldoende overzicht van welke systemen met elkaar verbonden zijn
- Meerdere toegangspunten die elk hun eigen beveiligingsniveau hebben
- Moeilijkheden bij het doorvoeren van uniforme beveiligingsupdates
Aanvallers benutten deze fragmentatie door de zwakste schakel te vinden en van daaruit verder te dringen in het netwerk.
Verouderde software en apparaten
Zorginstellingen gebruiken regelmatig medische apparatuur en software die niet meer wordt ondersteund door de fabrikant. Het vervangen ervan is kostbaar en logistiek ingewikkeld, waardoor updates uitblijven. Hackers scannen actief op zulke verouderde systemen, omdat bekende kwetsbaarheden vaak openbaar gedocumenteerd zijn.
Te ruime toegangsrechten
Een ander probleem is dat veel medewerkers toegang hebben tot meer data dan zij voor hun werk nodig hebben. In plaats van strikte scheiding per functie of afdeling, krijgen accounts vaak “volledige” toegang om het werken makkelijker te maken. Dat betekent dat een enkele gehackte account kan leiden tot toegang tot meerdere databases tegelijk.
Gebrekkige netwerksegmentatie
Netwerksegmentatie — het opdelen van een netwerk in aparte zones — zorgt ervoor dat een indringer niet zomaar overal bij kan. In de praktijk blijkt dit in de zorgsector vaak onvoldoende toegepast. Bij Clinical Diagnostics konden hackers zich, eenmaal binnen, verplaatsen naar systemen die niets te maken hadden met het oorspronkelijke doelwitaccount.
Zwakke detectiecapaciteit
Veel zorg-IT richt zich vooral op het buitenhouden van indringers, maar minder op het herkennen van verdachte activiteit binnen het netwerk. Zonder geavanceerde monitoring en gedragsanalyse kan een aanvaller weken of maanden onopgemerkt blijven terwijl data wordt gekopieerd of gemanipuleerd.
Ketenafhankelijkheid
Zorginstellingen werken nauw samen met externe laboratoria, softwareleveranciers en andere partners. Elk van deze partijen kan toegang hebben tot systemen of gegevens. Als één partij zwakke beveiliging heeft, kan dat de hele keten in gevaar brengen. In dit geval was het laboratorium de zwakke schakel, maar de gevolgen troffen ook ziekenhuizen en huisartsenpraktijken.
Organisatorische uitdagingen
Naast technische problemen spelen ook organisatorische factoren een rol:
- Onvoldoende budget voor informatiebeveiliging
- Gebrek aan gespecialiseerde IT-beveiligers
- Weinig tijd of prioriteit voor training van personeel
- Onderschatting van het risico door managementlagen
Zonder structurele verandering blijven deze problemen bestaan, zelfs als losse incidenten worden opgelost.
Aanpakken van structurele zwaktes
Om weerbaarder te worden, moet de zorgsector inzetten op een combinatie van maatregelen:
- ISO 27001-certificering en naleving van andere relevante standaarden
- Strikte toegangscontrole volgens het principe van “least privilege”
- Actieve netwerksegmentatie met continue controle
- Regelmatige penetratietests door externe partijen
- Training en weerbaarheidstraining voor alle medewerkers, van arts tot administratief personeel
- Heldere contractafspraken over beveiliging met alle leveranciers
De realiteit is dat hackers steeds professioneler en beter georganiseerd worden. Zonder structurele verbetering blijft de zorgsector een van de meest aantrekkelijke doelwitten voor cyberaanvallen. Preventie moet daarom integraal onderdeel worden van het dagelijks beheer van zorg-IT, niet iets wat alleen na een incident wordt opgepakt.

6. Hackingtrends gericht op medische sector
De aanval op Clinical Diagnostics staat niet op zichzelf. Wereldwijd is er een duidelijke trend zichtbaar waarbij de medische sector een van de favoriete doelwitten van cybercriminelen is geworden. De combinatie van grote hoeveelheden gevoelige gegevens, vaak beperkte beveiligingsbudgetten en complexe IT-omgevingen maakt ziekenhuizen, laboratoria en onderzoeksinstellingen kwetsbaar voor steeds geavanceerdere vormen van hacking.
Ransomware gecombineerd met datadiefstal
Vroeger beperkten ransomware-aanvallen zich tot het versleutelen van bestanden in ruil voor losgeld. Tegenwoordig stelen criminelen eerst zoveel mogelijk data voordat ze systemen blokkeren. Ze dreigen die gegevens te publiceren als er niet wordt betaald. Dit double extortion-model wordt steeds vaker ingezet in de zorg, omdat de druk op instellingen enorm is: het gaat vaak om levensbelangrijke systemen en uiterst gevoelige informatie.
Gerichte phishingcampagnes
Phishing is al jaren een van de belangrijkste toegangsmethoden, maar in de medische sector wordt het steeds geraffineerder. Criminelen gebruiken gestolen patiëntgegevens om geloofwaardige e-mails te sturen die inspelen op persoonlijke omstandigheden. Een e-mail kan bijvoorbeeld lijken te komen van een behandelend arts of laboratorium, inclusief correcte medische details, waardoor slachtoffers eerder geneigd zijn op een link te klikken of inloggegevens in te voeren.
Supply chain-aanvallen
Aanvallers richten zich steeds vaker op leveranciers en partners in de zorgketen, zoals laboratoria, softwareontwikkelaars of cloudproviders. Een lek bij zo’n partij kan leiden tot toegang tot gegevens van meerdere zorginstellingen tegelijk. Dit was ook een factor in de Clinical Diagnostics-hack, waarbij één laboratorium toegang had tot data van verschillende ziekenhuizen en huisartsenpraktijken.
Misbruik van medische apparaten
Steeds meer medische apparaten zijn verbonden met interne netwerken of zelfs het internet. Denk aan MRI-scanners, infuuspompen en patiëntmonitors. Veel van deze apparaten draaien op verouderde besturingssystemen die nauwelijks updates krijgen. Voor criminelen vormen ze een aantrekkelijk startpunt om toegang te krijgen tot het netwerk, vaak onopgemerkt door traditionele beveiligingssoftware.
Datahandel op het dark web
De vraag naar medische gegevens blijft groeien. Complete patiëntendossiers worden verhandeld voor hogere bedragen dan creditcardgegevens, omdat ze uniek en blijvend zijn. Op het dark web worden zulke datasets gebruikt voor identiteitsfraude, medische verzekeringsfraude en chantage. Vaak worden gegevens in batches verkocht, waarbij de verkopers in de tussentijd nieuwe slachtoffers benaderen.
AI-gedreven aanvallen
Nieuwe technieken maken het mogelijk om met behulp van AI geautomatiseerde en gepersonaliseerde aanvallen uit te voeren. AI kan grote hoeveelheden gelekte data analyseren, profielen opstellen en zelfs overtuigende phishingberichten genereren die inspelen op iemands specifieke situatie. Hierdoor wordt social engineering nog effectiever en moeilijker te detecteren.
Trends in Nederland
- Volgens Z-CERT nam het aantal meldingen van datalekken en cyberincidenten in de zorgsector het afgelopen jaar verder toe.
- Ransomwaregroepen zoals LockBit en ALPHV hebben de zorg expliciet genoemd als lucratieve sector.
- Steeds meer Nederlandse ziekenhuizen en laboratoria voeren na een incident verplichte weerbaarheidstraining in voor medewerkers, omdat menselijke fouten nog steeds de grootste factor zijn bij geslaagde aanvallen.
Wat deze trends betekenen voor de toekomst
De medische sector kan ervan uitgaan dat cyberaanvallen zowel in frequentie als in complexiteit blijven toenemen. Het is niet de vraag of een organisatie doelwit wordt, maar wanneer. Preventieve maatregelen moeten daarom voortdurend worden aangepast aan nieuwe dreigingen. Dit vraagt niet alleen om technische innovaties, maar ook om organisatorische discipline, training en continue monitoring.

7. Preventie en weerbaarheid
Het datalek bij Clinical Diagnostics laat zien dat preventie in de zorgsector meer moet zijn dan alleen het plaatsen van firewalls en antivirussoftware. Informatiebeveiliging moet een doorlopende prioriteit zijn, ingebed in alle processen van een zorginstelling. Dat betekent structureel investeren in technologie, mensen en beleid om de weerbaarheid te vergroten en incidenten te voorkomen.
Rol van een information security officer
Elke zorginstelling zou een duidelijke verantwoordelijke moeten hebben voor informatiebeveiliging: de information security officer. Deze functie is niet alleen technisch, maar ook strategisch. De taken omvatten:
- Opstellen en handhaven van beveiligingsbeleid
- Beoordelen van risico’s en prioriteren van verbetermaatregelen
- Coördineren van incidentrespons en communicatie bij een datalek
- Toezien op naleving van normen zoals ISO 27001
- Adviseren van bestuur en management over dreigingen en trends
Een sterke security officer vormt de brug tussen de IT-afdeling, het management en de werkvloer, en zorgt dat beveiliging niet iets is wat “erbij” gedaan wordt, maar een integraal onderdeel van het werk.
Technische maatregelen
Om aanvallen zoals deze te voorkomen, zijn een aantal concrete stappen nodig:
- Multi-factor authenticatie verplicht stellen voor alle accounts, inclusief leveranciers.
- Netwerksegmentatie implementeren zodat indringers zich niet vrij door het netwerk kunnen bewegen.
- Versleuteling van data in rust en tijdens transport, zodat gestolen bestanden onleesbaar zijn.
- Regelmatige penetratietesten en kwetsbaarheidsscans uitvoeren.
- Real-time monitoring en gedragsanalyse om afwijkend dataverkeer direct te signaleren.
Organisatorische maatregelen
Techniek alleen is niet voldoende. Menselijke fouten blijven de grootste oorzaak van geslaagde aanvallen. Organisaties moeten daarom investeren in:
- Weerbaarheidstraining voor alle medewerkers, gericht op phishing, social engineering en veilig omgaan met gegevens.
- Incidentresponsplannen die vooraf getest en geoefend zijn.
- Leveranciersbeheer waarbij beveiligingseisen in contracten zijn vastgelegd.
- Continu risicomanagement om nieuwe dreigingen te evalueren en maatregelen bij te stellen.
Cultuur van beveiliging
Een van de grootste uitdagingen is het creëren van een cultuur waarin informatiebeveiliging door iedereen serieus wordt genomen. Dit betekent dat medewerkers op alle niveaus bewust moeten zijn van hun rol in het beschermen van gegevens. Het management moet hierin het goede voorbeeld geven door open te communiceren over beveiliging, fouten bespreekbaar te maken en successen te delen.
Samenwerking binnen de sector
Zorginstellingen staan niet op zichzelf. Het delen van dreigingsinformatie en best practices via organisaties zoals Z-CERT kan veel incidenten helpen voorkomen. Gezamenlijke oefeningen en audits versterken de sector als geheel en maken het moeilijker voor criminelen om zwakke schakels te vinden.
ISO en certificering
Naleving van standaarden zoals ISO 27001 helpt om beveiliging structureel te verbeteren. Deze certificering dwingt organisaties om processen, technische maatregelen en verantwoordelijkheden helder vast te leggen en periodiek te toetsen. Het is geen garantie tegen aanvallen, maar het verkleint de kans dat hackers onopgemerkt binnendringen.
Waarom nu handelen noodzakelijk is
De trends in de medische sector laten zien dat aanvallen niet alleen frequenter worden, maar ook complexer. Wachten tot er een incident plaatsvindt is geen optie meer. Een proactieve houding, ondersteund door duidelijke verantwoordelijkheden en structurele investeringen, is de enige manier om de weerbaarheid op peil te houden.

8. Lessen voor de toekomst
De hack bij Clinical Diagnostics is een harde waarschuwing voor de hele zorgsector. Het laat zien dat één incident genoeg is om honderdduizenden mensen te treffen, het vertrouwen in zorgprogramma’s te ondermijnen en grote reputatieschade aan te richten. De vraag is niet of er opnieuw een aanval komt, maar wanneer, en hoe goed organisaties daarop voorbereid zijn.
Snelle en transparante communicatie
Het eerste leerpunt is dat slachtoffers direct geïnformeerd moeten worden zodra een datalek wordt ontdekt. Wachten op volledige details geeft criminelen extra tijd om gegevens te misbruiken. Een voorlopige waarschuwing, gevolgd door updates, is beter dan stilte. Dit verkleint de kans op fraude en phishing.
Sterke ketenbeveiliging
Zorginstellingen moeten hun beveiliging niet alleen intern op orde hebben, maar ook bij leveranciers, laboratoria en partners. In contracten moeten harde beveiligingseisen staan, inclusief meldplicht en aansprakelijkheid. Een keten is zo sterk als de zwakste schakel.
Structurele informatiebeveiliging
Beveiliging mag geen project zijn dat alleen na een incident wordt opgestart. Het moet een doorlopend proces zijn met:
- Jaarlijkse audits en penetratietests
- Strikte toegangsrechten volgens het “least privilege”-principe
- Training en weerbaarheidstraining voor alle medewerkers
- Continue monitoring op verdachte activiteiten
Technische basis op orde
Zonder sterke basismaatregelen is elke geavanceerde beveiliging nutteloos. Denk aan:
- Multi-factor authenticatie
- Netwerksegmentatie
- Versleuteling van gevoelige data
- Automatische patching en updates
Cultuurverandering
Medewerkers moeten zich verantwoordelijk voelen voor de bescherming van gegevens. Dit vraagt om bewustwordingscampagnes, training en het actief betrekken van teams bij beveiligingsbeleid. Het bestuur moet hierin zichtbaar het voortouw nemen.
Sectorbrede samenwerking
Deel incidentinformatie en dreigingssignalen via netwerken als Z-CERT. Gezamenlijke oefeningen en het uitwisselen van best practices verhogen de weerbaarheid van de hele zorgsector.
Wie deze lessen ter harte neemt, verkleint niet alleen het risico op een groot datalek, maar laat ook zien dat vertrouwen en zorgkwaliteit hand in hand kunnen gaan.









